Recensie ‘Broek en Waterland’

Loek Zoon (red.), Broek en Waterland. Regionale samenwerking en conflicten, 1281-1811 (Uitgeverij Verloren: Hilversum 2019), p. 224, €26, ISBN: 9789087048099

Maurits W. Ertsen, Waterhuishouding, Technische Universiteit Delft

Tussen 1282 en 1811 had Broek in Waterland heel wat te stellen met andere dorpen in de regio Waterland, en met Amsterdam. Er werd stevig ruzie gemaakt, maar eigenlijk net zo stevig samengewerkt. De ruzies en vriendschappen worden ons verteld in deze bundel in een vijftal thematische hoofdstukken. Joost Cox geeft een bestuurlijk perspectief tot 1600, het vroegere deel van de periode die het boek bestrijkt. Fenna Brouwer laat voor de 17de en 18de eeuw zien hoe de Waterlandse dorpen regelmatig onenigheid hadden met de baljuw, de vertegenwoordiger van de graaf van Holland. Corrie Boschma-Aarnoudse gaat gedetailleerd in op de verschillende economische activiteiten in de periode 1400-1800. Diederik Aten kiest de kortste periode van alle auteurs in zijn hoofdstuk over de droogmaking van de drie Waterlandse meren tussen 1623 en 1650. Tenslotte laat Jaap Haag een periodisering helemaal los als hij voor twee momenten (1572-1774 en 1672-1673) laat zien hoe Waterland in oorlogssituaties betrokken werd.

Deze opsomming van de hoofdstukken laat zien dat het boek onder redactie van Loek Zoon minder chronologisch is dan de flaptekst suggereert. We zouden beginnen in 1282 ‘als graaf Floris V de heerlijkheid Waterland in handen krijgt’ en eindigen in 1811 ‘met het bezoek van keizer Napoleon aan het pittoreske Broek’. Deze jaartallen zijn inderdaad de uiterste twee waaraan betekenisvol wordt gerefereerd, maar dat maakt nog niet dat de verschillende hoofdstukken enige mate van chronologie op de thema’s voor de volledige periode geven – laat staan dat de hoofdstukken samen een chronologie presenteren. Ik vind het ontbreken van een chronologie niet problematisch. De manieren waarop Broek in Waterland en de omliggende dorpen en steden samenwerkten en/of (tegelijkertijd) ruzieden op politiek, economisch, waterstaatkundig en militair gebied zijn boeiend en overtuigend beschreven. Juist omdat er veelal ad hoc bondgenootschappen werden gesloten – hoewel er ook een langerjarig samenwerkingsverband in de vorm van de Unie van Waterland was tussen de zes Waterlandse hoofddorpen – is een thematische aanpak eigenlijk zeer geschikt. De details in een hoofdstuk, zoals over de baljuw, laten prachtig zien hoe iedere keer de lokale onderhandelingen weer moesten worden gevoerd, terwijl we (achteraf) toch ook patronen kunnen ontdekken. Het is de rijkdom aan details en tegelijkertijd de verbindingen die we als lezer tussen de hoofdstukken kunnen leggen die dit boek zo plezierig maken.

Ik vind het ontbreken van een chronologie niet problematisch. (…) Juist omdat er veelal ad hoc bondgenootschappen werden gesloten – hoewel er ook een langerjarig samenwerkingsverband in de vorm van de Unie van Waterland was tussen de zes Waterlandse hoofddorpen – is een thematische aanpak eigenlijk zeer geschikt.

Een wat algemenere beschouwing in de vorm van een synthese aan het begin of eind ontbreekt – hoewel Loek Zoon in de inleiding wel terecht wijst op de continue discussies tussen de Waterlanders en respectievelijk Amsterdam en de baljuw. Het is inderdaad buitengewoon fascinerend om te lezen hoe Broek in Waterland en de collega-dorpen continue bezig zijn met het realiseren van invloed en het behalen van doelen door onderhandelingen. In dat onderhandelen komt keer op keer naar voren dat er een heleboel ‘dingen’ (of meer algemeen ‘materie’) gebruikt moeten worden. Het willen hebben van economische invloed is leuk, maar dan moet je wel de schepen en de mensen hebben om economische invloed steeds weer waar te maken. Het houden van een bespreking is prima en gewenst, maar dan moet je wel kunnen reizen. Macht blijkt te moeten worden gerealiseerd via niet-menselijke historische actoren, zoals geld, hout, of aarde. Materie onderhandelt mee in het maken van geschiedenis.

Dat Waterland was een kluwen van onderhandelingen, bestuurders en hun rollen, water en ander spul, en een breed scala aan activiteiten, zoals we in dit fraaie boek kunnen lezen.

Voor de regio Waterland speelt water (uiteraard) een grote rol, ook in de hoofdstukken die water niet als hoofdthema hebben. Water is transporteur, militair, bedreiger en nog wel wat meer. De waterinfrastructuur van de regio is een belangrijke drager van de macht die dorpen kunnen ontwikkelen en moeten blijven bevestigen. In verschillende hoofdstukken komt naar voren dat veel van de bestuurders op de een of andere manier aan water gekoppeld kunnen worden. Niet iedere bestuurlijke rol had direct iets met water te maken, maar bestuurlijke functies en rollen in Broek in Waterland waren makkelijk te stapelen. Iemand die in een dorps- of stadsbestuur zat, had een behoorlijke kans om in het waterschapsbestuur terecht te komen. De verandering van de verwevenheid tussen bestuursfuncties is ook een mooi overkoepelend thema, al was het alleen maar om het vanzelfsprekende beeld van een zelfstandig waterschap met weinig bestuurlijke overlap te problematiseren. Dat beeld mag redelijk kloppen voor het heden, maar is zeker niet passend voor het vroegere Waterland. Dat Waterland was een kluwen van onderhandelingen, bestuurders en hun rollen, water en ander spul, en een breed scala aan activiteiten, zoals we in dit fraaie boek kunnen lezen.

Getagd met