Column | De Wereldkaart op z’n kop
Arianne Baggerman
‘Gelukkig houd ik van rampenfilms’, verzuchtte mijn echtgenoot toen hij vanochtend de krant opensloeg. ‘Keuze genoeg.’ Het aanbod is inderdaad overweldigend: ecologische rampen, verwoestende tornado’s, de president van het machtigste land ter wereld die oorlogen begint – louter om de aandacht af te leiden van zijn betrokkenheid bij seksschandalen. En dat is nog maar een willekeurige greep uit het nieuws. Het aller griezeligste is nog wel de komst van een groep techreuzen (de Magnificent Seven) die in het bezit zijn van bijna een kwart van het wereldwijde aandelenkapitaal en, geheel volgens het rampengenre, kwade bedoelingen hebben. Met hun satellieten en communicatiemiddelen kregen ze de mensheid in hun greep en nu slagen ze erin de democratie in diverse landen af te breken – met Amerika voorop. Nadat ze in 2023 artificiële intelligentie introduceerden, werd dit proces in de hoogste versnelling gezet door de grootste roof ooit te plegen: namelijk de ontvreemding en exploitatie van alles wat door de mensheid is geschreven, getekend of gedacht en op internet is geplaatst (de ‘great brain robbery’). De slachtoffers worden – om te werken, om hun boodschappen te doen, contacten te onderhouden, de liefde te vinden, discussies te voeren – zoet gehouden in de parallelle wereld van het internet. Een wereld waarin echt en nep zo met elkaar verstrengeld zijn geraakt dat het woord ‘echt’ inmiddels moet worden bekrachtigd met ‘letterlijk’; gebruikt in een nieuwe betekenis om duidelijk te maken dat iets echt, werkelijk, in één woord letterlijk is gebeurd in de realiteit. In zo’n realiteit heb je geen rampenfilms meer nodig. Geef mij daarom maar geschiedenis, bijvoorbeeld uit mijn favoriete periode, de jaren 1785-1800, en mijn nog altijd favoriete land, Nederland, toen nog de Republiek der Verenigde Nederlanden. En laten we het nog kleiner maken door met behulp van egodocumenten door te dringen in de hoofden van de mensen die deze tijd van ingrijpende revoluties meemaakten. Verwarring alom door de gebeurtenissen die elkaar in een pijlsnel tempo opvolgden en die bovendien zonder precedent waren. ‘Rampzalig’, zo oordeelde een Haagse glazenmaker in 1802. Verder kon hij er geen chocola van maken. Misschien slagen latere generaties daar wel in. Al betwijfelde hij dat ten zeerste: ‘Als gij eenmaal dit tijdperk met verwondering leest, dan zult gij op de rampen staren, die toen ons erfdeel zijn geweest.’ Zijn stadgenoot Magdalena van Schinne schreef in haar dagboek over haar verwarring kort na de Bataafse Revolutie van 1795: ‘De totale omwenteling die plaatsvindt biedt tamelijk vreemde gezichtspunten en het is de wereldkaart op z’n kop. In onze steden zijn onder degenen die de regenten vervangen, bankroetiers, zonen van beulen en velen die bijna waren opgeknoopt.’ We kunnen voor een voorbeeld van het hoge tempo waarin de bordjes in die vijftien jaren steeds weer werden verhangen ook nog wat verder teruggaan in de tijd, naar de patriottenrevolutie van 1787. Die revolutie mislukte door de Pruisische interventie, maar het had weinig gescheeld of de eerste revolutie op het Europese continent had in de Republiek
plaatsgevonden en niet in Frankrijk. De patriotten begonnen weliswaar met achterom te kijken naar de verdwenen rechten van de burgerij, maar keken daarna – geïnspireerd door verlichte ideeën – naar een toekomst met een nieuw staatsbestel en een nieuwe samenleving. Zo ging het ook in Frankrijk in 1789, toen de uit de middeleeuwen stammende Staten-Generaal voor het eerst na 175 jaar bijeen werden geroepen en vervolgens nieuwe rechten opeisten, terwijl boeren intussen volgens een oude traditie de kastelen van de adel in brand staken, maar vervolgens de afschaffing van de hele feodaliteit eisten. Zover was het nog niet toen twee voormannen van de patriottenrevolutie, Lambert van Eck en Pieter Paulus, in het voorjaar van 1788 op een geheime missie gingen naar Parijs om steun te vinden voor een nieuwe revolutiepoging, maar dan met Franse militaire hulp. Toen ze in Parijs arriveerden, leek er nog geen vuiltje aan de lucht. Terwijl Paulus zijn plan met diverse ministers besprak, verkende zijn reisgenoot de stad. Van Eck bewonderde de moderne architectuur, de stoommachines die hij zag en het wonder van het watercloset op zijn hotelkamer. En passant viel het hem op dat hier en daar plakkaten werden aangeplakt met protesten tegen de hoge graanprijs, dat soldaten werden geposteerd voor overheidsgebouwen, her en der arrestaties werden verricht en de Parijzenaren zich verdrongen om kranten te kopen voor het laatste nieuws. Er leek iets in de lucht te hangen, maar wat? Om voor Paulus onduidelijke redenen, verloren de Fransen hun interesse in het project. Zijn plannen leken op niets te zijn uitgedraaid. Op de terugweg noteerde Van Eck dat het graan er dit jaar wel bijzonder beroerd bij stond. Een jaar later brak de Franse Revolutie uit. Zes jaar daarna volgde de Bataafse Revolutie alsnog, inderdaad met hulp van het inmiddels revolutionaire Franse leger en met Paulus als auteur van de Nederlandse Verklaring van de rechten van de mens en als eerste voorzitter van een democratisch gekozen Nationale Vergadering. Hoe heerlijk is het om je onder te dompelen in de verwarring van mensen uit het verleden. Zij tastten nog in het duister, maar jij als lezer weet al wel welke details van belang zullen blijken en hoe het verhaal gaat aflopen. Dat is in dit geval zowel amusant als hoopgevend. Het kan dus wél. Niet alleen als slagzin om de verkiezingen te winnen en daarna de huig naar de wind te laten hangen, maar met tastbare resultaten. Geheel vanuit het niets, met als enig voorbeeld de republikeinse idealen uit een ver verleden, brachten mensen een revolutie tot stand die het fundament legde waarop onze huidige democratie nog altijd rust, met een scheiding van kerk en staat, onafhankelijke rechtspraak, vrijheid van meningsuiting en het principe van gelijkheid, vrijheid en broederschap. Kortom: alle verworvenheden die big tech op dit moment aan het ondermijnen is. En die zouden we ons zomaar laten afnemen? In ruil voor, ja voor wat eigenlijk? De discussie hierover is eindelijk losgebarsten, maar daarnaast is het tijd om in verzet te komen, letterlijk!

Illustratie Maarten van der Meer
Deze column komt uit het nummer Patriotten in Holland (2026-4) dat in december 2026 zal verschijnen. Pre-order het nummer via de webwinkel.









