Recensie M. Fannee, tLant te Waremunde

M. Fannee, tLant te Waremunde. Een studie over Warmond in de middeleeuwen (1100-1400) Historisch Genootschap Warmelda, 2014, Warmond 2014, 280 p., geïll., ISBN geen, prijs €22,50 verkrijgbaar via info@warmelda.nl

door Dick E.H. de Boer, Rijksuniversiteit Groningen

In 2014 verscheen als publicatie van het Historisch Genootschap Warmelda deze studie over het middeleeuwse Warmond, van de hand van de in Frankrijk geboren en in Leiden woonachtige taalkundige Mathieu Fannee. Het werk is de vrucht van de herleving van de belangstelling voor de dorpsgeschiedenis in een werkgroep waarin enthousiasme en vakkennis samenkomen. Zo is het een mooi voorbeeld van de impulsen die lokaalhistorische verenigingen kunnen geven aan een serieuze bestudering van de eigen plek. Het boek valt in twee delen uiteen: 137 pagina’s analyse en 130 pagina’s bijlagen (vooral toponymie, de achtergrondgegevens van de kaartreconstructies en genealogieën), gevolgd door een literatuurlijst en register. Het beschrijvend gedeelte is op vijf pijlers gebaseerd: naam, kerk, grondgebruik, heren en kastelen.

Het werk is de vrucht van de herleving van de belangstelling voor de dorpsgeschiedenis in een werkgroep waarin enthousiasme en vakkennis samenkomen

De studie begint met een analyse van de plaatsnaam ‘Uuarmelde’. Jammer genoeg gaat Fannee – met voor dit hoofdstuk als mede-auteur de germanist Karling Rottschäfer – niet in op de nog door C. Dekker in The Origins of Old Germanic Studies (p. 419) vermelde (onwaarschijnlijke) theorie dat de naam is terug te voeren naar de mythische Salische koning Faramund. Overigens deel ik de mening dat het een oude waternaam moet zijn. Bij de behandeling van de dorpskerk maakt de auteur, met een interpretatie van het Matthiaspatrocinium in relatie tot Trier/Echternach, een de datering van de overgang van kapel naar kerk na 1127 en vóór 1156 aannemelijk. Daarmee heeft Warmond ‘meegelift’ met de uitgroei van de centrale rol van Leiden in die tijd.

Hoofdstuk vier presenteert de reconstructie van het grondgebruik van middeleeuws Warmond – volgens de retrograde-methode herleid uit jongere tijnsboekjes. Duidelijk wordt dat we in Warmond met één complex van oude recognitietijnzen te maken hebben. De ligging van het oude dorp op de strandwal, geflankeerd door het oude markegebied dat later de Zwanburgerpolder werd en adellijke goederencomplexen, komt duidelijk naar voren. Het algemene beeld van een stabilisering van het aantal tijnspercelen aan het eind van de veertiende eeuw overtuigt. Het is jammer dat de ontwikkeling van de landelijke dekking van HisGIS (Historisch Geografisch Informatiesysteem) niet snel genoeg is gegaan om al voor het kartografisch verwerken van deze gegevens te kunnen dienen. In dat geval zou het beeld nog beter gevisualiseerd kunnen zijn.

Vooralsnog leggen de voorbeelden in dit boek, vooral over de mogelijke lotgevallen van de Van Warmonds in de dertiende en veertiende eeuw, getuigenis af van grote belezenheid, èn van het ontbreken van essentiële schakels

In hoofdstuk 5 behandelt de auteur het geslacht Van Warmond als de oudst bekende bezitters van de heerlijkheid. Het begint met een aardige, maar niet echt functionele reconstructie van de gebeurtenissen aan het begin van de dertiende eeuw, die het gebrek aan gegevens omtrent Frank van Warmond moet compenseren. Daarna krijgen we vastere grond onder de voeten met het relaas van de manier waarop de Van Teylingens zich in de Warmondse heerlijkheid nestelden. Fannee gelooft daarbij vooral in de usurpatie door de Van Teylingens in de jaren waarin de heerlijkheid Warmond door het ‘zoonloos’ overlijden van Frank, via diens dochter Sophia, overging in handen van de Van den Woude’s. Hij eindigt met de vraag of de Van Warmonds wellicht uit de Van Teylingens waren voortgekomen, of er door huwelijk aan verbonden waren. Dit is een interessante gedachte, die mogelijk ooit kan worden opgelost als systematische genealogie tot nieuwe inzichten in verervings- en naamgevingspatronen leidt. Het is hoog tijd dat genealogie haar plaats als volwaardige deelwetenschap van de geschiedenis terugverdient en –krijgt. Vooralsnog leggen de voorbeelden in dit boek, vooral over de mogelijke lotgevallen van de Van Warmonds in de dertiende en veertiende eeuw, getuigenis af van grote belezenheid, èn van het ontbreken van essentiële schakels. Er zijn interessante nieuwe gedachten, bijvoorbeeld over het wapen van de Van Warmonds, met het opmerkelijke zilveren kruis op een blauw veld. Maar met zijn hypothese over een link met de kruistochten stapelt de auteur teveel aannames op elkaar (en raakt een op zich mooi verhaal wel erg ver van de kern verwijderd).

Het boek bevat heel veel, mooi bij elkaar gebracht materiaal, dat maakt dat het een mooie vraagbaak is voor wie meer wil weten over de oergeschiedenis van Warmond

Met het laatste thema – kastelen – is de auteur duidelijk op zijn favoriete terrein. Hij bespreekt de bouwkundige en archeologische gegevens van Warmond als kastelenlandschap in de veertiende eeuw,  in  samenhang met de bewoners en hun lotgevallen. Hij weet de versnipperde gegevens tot een mooi geheel te maken. En hij schetst interessante mogelijkheden voor nader onderzoek. Hopelijk weten die suggesties door te dringen tot archeologische verwachtingskaarten en –beleidsplannen.

Een korte uiteenzetting van de Warmondse kloosters brengt de auteur in wezen voorbij de door hemzelf gekozen tijdsgrens van 1400. Dat is hem graag vergeven, evenals ‘uutglijders’, zoals het idee dat een man zijn bruid een morgengave moest geven als deze zelf weinig goederen inbracht (pag. 72), het idee dat de ‘Backersven’ naar een lokale broodbakker verwijst (p. 48) en de net iets te ‘gemakkelijke’ manier waarop de Hollandse en Europese context zo nu en dan binnen wordt geloodst. Daartegenover staat immers heel veel, mooi bij elkaar gebracht materiaal, dat maakt dat dit boek (met inbegrip van de hier omwille van de ruimte nauwelijks genoemde bijlagen) een mooie vraagbaak is voor wie meer wil weten over de oergeschiedenis van Warmond. Het is te hopen dat anderen de handschoen opnemen en die geschiedenis tot in de nieuwe tijd vervolgen.

Verwijzing: Holland Historisch Tijdschrift, Dick de Boer, 11 februari 2016.

Getagd met