Een fascinerend inkijkje in het Noord-Hollands archief

Door Vincent Vlek

Op reis door Noord-Holland biedt een kleurrijk geïllustreerde introductie op de collecties van het Noord-Hollands Archief. Het boek staat onder redactie van Myrthe Krom en Patrick Vlegels, beide zelf respectievelijk als kunsthistoricus en historicus werkzaam voor het Noord-Hollands Archief. Het werk toont zeer uiteenlopende verhalen en beelden uit het Archief en rond de geschiedenis van Noord-Holland.

Het archief en de schatten die daar verborgen liggen

Het boek is opgebouwd uit tien hoofdstukken van verschillende (kunst)historici, conservatoren en een enkele sociaal geograaf, waarin telkens een thema uit de geschiedenis van Noord-Holland aan de hand van archiefstukken wordt uitgediept. Het leerzame eerste hoofdstuk wijkt af van deze opzet en gaat over de geschiedenis van het Noord-Hollands Archief, dat is gevestigd in de Janskerk in Haarlem. De hoofdstukken worden verder afgewisseld met korte intermezzo’s waarin een historische figuur of fenomeen uitgelicht wordt. Zo begeleidt een verhaal over ‘de tuinbaas’ Cornelis de Wilde, die de tuin van een buitenplaats beheerde, het stuk van Christiaan Bertram over de Noord-Hollandse buitenplaatscultuur. Op die manier wordt bijvoorbeeld ook de bijdrage van Koen Marijt over Noord-Hollandse badplaatsen aangevuld met een bijlage over de historische ontwikkeling van badmode. 

Het boek biedt de lezer een inkijkje in de wereld van het archief en de schatten die daar verborgen liggen.  Het is een uitnodiging om het archief zelf een keer te bezoeken en laat zien dat er veel meer mogelijkheden zijn voor onderzoek in dit archief dan de lezer op het eerste gezicht misschien zou denken. Met zijn vele prachtige illustraties en beschrijvende teksten leest het boek als een klassieke tentoonstellingscatalogus. Dit is ook niet geheel verwonderlijk, omdat er afgelopen jaar in het Archief een expositie was die gepaard ging met het boek.

Perspectief door de tijd heen

Door de historische opbouw van het archief en zijn collecties, die uiteengezet wordt in het eerste hoofdstuk, waarbij het oude Rijksarchief in Noord-Holland gefuseerd is met gemeentearchieven uit voornamelijk het Kennemerland, is er een zekere focus op de omgeving van Haarlem. Amsterdam en West-Friesland komen daardoor bijvoorbeeld minder aan bod. Desondanks weten de verhalen ook de lezer te boeien die geen speciale band heeft met het Kennemerland. Opvallend is dat er in de meeste bijdrages is gekozen voor een diachroon perspectief. Zo begint het intrigerende stuk van Krom over kunstenaarsverenigingen met gildes uit de late middeleeuwen, om via onder andere kunstacademies uit de 18de eeuw, kunstenaarscollectieven uit de 19de en 20ste eeuw uit te komen bij de huidige Vishal in Haarlem, die sinds 1993 de zelfstandige en gelijknamige kunstenaarsvereniging De Vishal huisvest. Dit perspectief door de tijd heen zorgt ervoor dat de zeer uiteenlopende onderwerpen aan relevantie winnen voor elke lezer en biedt bovendien de mogelijkheid om de rijkheid van de archiefcollecties te tonen aan de hand van zeer verschillende documenten en prenten.

Toon eerder wervend dan kritisch

Het voorwoord is van de directeur van het Noord-Hollands Archief, Willeke de Groot, en is misschien daarom weinig kritisch. Het was hier bijvoorbeeld interessant geweest om wat dieper in te gaan op de maatschappelijke rol van het archief, bewaarcriteria en voor- en nadelen van digitalisering van archieven, die overigens wel benoemd worden. Ook in de andere teksten komt dit niet echt terug, hoewel de bijdrage van Lisa van Beek en Alexander de Bruin over fotografie van het Sluizencomplex IJmuiden hierop een welkome uitzondering vormt. Vooral in het voorwoord, maar ook in de andere bijdrages, is de toon van de tekst wat te wervend. Zo staat er in het eerste hoofdstuk: ‘Het gebouw wordt van tijd tot tijd verbouwd, gerenoveerd en onderhouden. Daarmee blijft de Janskerk als publiekscentrum voor het Noord-Hollands Archief voor de komende decennia.’

Ook is het af en toe niet helemaal duidelijk op welk publiek de tekst zich richt. Zo wordt aan de ene kant het woord ‘legateerde’ gebruikt in plaats van bijvoorbeeld ‘liet na’, maar wordt aan de andere kant wel uitgelegd wat perkament is. Daarnaast mist er soms wat consistentie tussen de verschillende bijdrages, bijvoorbeeld in welke schrijfstijl een moeilijke term nader moet worden uitgelegd.

Als catalogus en inkijkje in het archief voor de geïnteresseerde liefhebber slaagt het boek in zijn opzet, ook al is de toon hier en daar wat kritiekloos en gaan de bijdragen soms te weinig in op interessante spanningen. De prachtige afbeeldingen die de teksten begeleiden geven lezers een historische sensatie die smaakt naar meer. Het boek is dan ook voornamelijk interessant voor de historicus die zelf niet in de gelegenheid is om een archief te bezoeken of nog onbekend is met de mogelijkheden van het Noord-Hollands Archief.

Myrthe Krom en Patrick Vlegels (red.),  Op reis door Noord-Holland. Verhalen uit de collecties van het Noord-Hollands Archief. Zwolle: Uitgeverij Wbooks, 2025, 239 blz., ill., ISBN 9789462587182. Prijs €29,95