Juryrapport Scriptieprijs 2010

De Scriptieprijs Historisch Tijdschrift Holland 2010 is toegekend aan Sanne Muurling (Vrije Universiteit Amsterdam) voor haar scriptie Ideologische constructie of materiële werkelijkheid? Hollandse huiselijkheid tussen concept en fenomeen in de zeventiende en achttiende eeuw.

Lees het artikel van Sanne Muurling over over de verbeelding en verwezenlijking van ‘huiselijkheid’ in vroegmodern Holland in Holland 44:3 (2012)

De zeventiende-eeuwse schilder Jan Steen beeldde levendige interieurs af die velen tot de dag van vandaag koppelen aan ‘gezelligheid’, een begrip dat iedere Nederlander kent, maar vrijwel niemand kan uitleggen aan een  buitenlander. Gezelligheid wordt, samen met concepten als gezin, privé-leven en intimiteit, wel onder de noemer ‘huiselijkheid’ geschaard. Dit zou in de Gouden Eeuw voor het eerst zijn opgekomen in de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden en pas later ook elders in Europa. Het idee dat de buitengewone omstandigheden tijdens de Gouden Eeuw geleid zouden hebben tot een transformatie van het gezinsleven is niet onomstreden: critici hebben erop gewezen dat de huiselijke taferelen die zijn overgeleverd eerder een ideaal dan werkelijkheid verbeelden.

In haar scriptie levert Sanne Muurling een bijdrage aan dit debat door niet van de schilderijen uit te gaan, maar aan de hand van vroegmoderne literatuur te laten zien hoe een ‘huiselijkheidscultus’ gecreëerd werd – zowel in de zeventiende eeuw zelf als daarna. Dat er tijdens de Gouden eeuw veel huiselijke taferelen op schilderijen belandden, is dan ook niet vreemd: de Hollandse schilders waren ondernemers die een grotendeels anonieme markt bedienden en die met ‘huiselijkheid’ eenvoudig inspeelden op de vraag.

Maar hoe zat het dan in werkelijkheid? In het tweede deel van de scriptie onderzoekt Muurling de woonstijl in Amsterdam. Daarbij worden ‘het huis, de indeling, de inrichting en het gebruik ervan’ ‘dan beschouwd als een ruimtelijk systeem dat uiting geeft aan achterliggende ideeën over het wonen, idealen, normen en waarden’.

Muurling onderzoekt de woonstijl aan de hand van een ‘model van huiselijkheid’, een door haar opgestelde checklist van in de literatuur genoemde elementen zoals ‘scheiding van wonen en werken’, ‘scheiding tussen privé en publiek’ en ‘intieme/persoonlijke sfeer’. Met behulp van de uitgebreide beschrijvingen van de indeling van huizen in boedelinventarissen gaat zij onder meer na wat de woon-werk situatie was door te kijken naar vermeldingen van een werkplaats in het huis, of een afzonderlijk kantoor. De scheiding tussen publiek en privé wordt besproken aan de hand van indicatoren als de aanwezigheid van een voorhuis of gang, en de samenstelling van het gezin (door te kijken naar de aanwezigheid van dienstboden, kostgangers of inwonende familieleden). De aanwezigheid van schilderijen en familieportretten gebruikt Muurling om te bepalen of er sprake was van een intieme en persoonlijke sfeer.

Muurling’s steekproef laat geen eenduidige woonstijl zien. Het zogenaamde kerngezin lijkt overal de norm geweest te zijn, maar verder vindt zij weinig onderbouwing voor het idee dat het wonen in Amsterdam door huiselijkheid gekenmerkt werd. Dit suggereert dat huiselijkheid inderdaad een ideaal was, dat wellicht door velen werd nagestreefd, maar door weinigen werd gerealiseerd. De jury van de Scriptieprijs Historisch Tijdschrift Holland heeft veel waardering voor Muurling’s tweeledige aanpak. Het eerste deel van haar tweeluik toont hoe de huiselijkheidscultus in de loop van de Nederlandse geschiedenis werd geconstrueerd, het tweede deel laat aan de hand van objectieve criteria zien dat de werkelijkheid daarbij achterbleef. De jury beoordeelt de daarbij gehanteerde methodologie als prikkelend, maar beschouwt de relatief kleine steekproef als de achilleshiel van de scriptie. In vervolgonderzoek zou een groter aantal boedelinventarissen onderzocht kunnen worden. Dat zijn uitdagingen voor de toekomst. De jury stelt vast dat Sanne Muurling een heldere en bovenal innovatieve scriptie heeft geschreven, die de jury van harte met de Scriptieprijs Historisch Tijdschrift Holland bekroont.