Recensie Ludmilla van Santen en Norbert-Jan Nuij, Drama op de Dam

Ludmilla van Santen en Norbert-Jan Nuij, Drama op de Dam. 7 mei 1945 Uitgave Stichting Memorial voor Damslachtoffers 7 mei 1945, Drukkerij Roelofs, Enschede, 2017, 216 p., ill., ISBN 9789090302416, prijs €24,95

door Wouter Linmans, Universiteit Leiden

Op maandag 7 mei 1945 brak omstreeks drie uur ‘s middags een schietpartij uit in het hart van Amsterdam. De destijds eenentwintigjarige Gerard Reve was niet ver weg. Het was zijn eerste werkdag als verslaggever van Het Parool. Reve vluchtte de Kalverstraat in, forceerde de deur van de nationaalsocialistische boekhandel ‘Het Bolwerk’, en ging met enkele anderen naar binnen om te schuilen. Ergens tussen de boekenrekken vond hij de Geheimen der natuur van de Duitse bioloog Gert von Natzmer. Hij nam het ter hand en schreef voorin: ‘Ter herinnering aan de gevechten bij de Dam, 7 mei 1945 in het Bolwerk’. Met handtekening en naam.

Ondertussen was de Dam veranderd in een klein stedelijk slagveld. Een menigte van uitbundige feestvierders had zich eerder die dag op het Damplein verzameld om de geallieerde bevrijders te verwelkomen. ’s Middags sloeg de sfeer om, toen Duitse militairen het plein vanuit de Grote Club met mitrailleurs onder vuur namen. De aanwezigen sloegen op de vlucht en zochten dekking achter lantaarnpalen, wagens, kiosken en een draaiorgel (‘Het Snotneusje’). In totaal kwamen meer dan dertig mensen om het leven – Reve en zijn metgezellen in ‘Het Bolwerk’ hadden geluk. ‘Waarom de moffen hiertoe overgingen is nog niet vast komen te staan’, schreef Het Parool de volgende dag over de gebeurtenissen op de Dam.* Zelfs nu nog bestaan over de precieze aanleiding van de schietpartij verschillende verhalen en theorieën.

Lange tijd was het dodelijk aantal slachtoffers van de schietpartij vastgesteld op 22. Dat getal klopt echter niet, ontdekte de ‘Stichting Memorial voor Damslachtoffers 7 mei 1945’. Al eerder werd op de website van de stichting verslag gedaan van de zoektocht naar de identiteit van de slachtoffers die op de Dam vielen. Vorig jaar werd op de Dam een monument onthuld: in het plaveisel van het plein was plaatsgemaakt voor 31 gedenkstenen met daarop de namen van de slachtoffers. Inmiddels is de stichting erin geslaagd de identiteit van in totaal 32 slachtoffers te achterhalen. Het boek Drama op de Dam vormt een verslag van die zoektocht en een laatste eerbetoon aan de slachtoffers.

Lange tijd was het dodelijk aantal slachtoffers van de schietpartij op de Dam vastgesteld op 22. Dat getal klopt echter niet, ontdekte de ‘Stichting Memorial voor Damslachtoffers 7 mei 1945’

In het centrale gedeelte van het boek hebben alle slachtoffers een afzonderlijke biografie gekregen. Daarin is onder meer plaats voor biografische gegevens opgedaan in persoonsarchieven, getuigenissen van nabestaanden, en afbeeldingen van archiefdocumenten en fotomateriaal. Het onderzoek heeft bijzondere verhalen opgeleverd, zoals dat van de dertienjarige Willem de Leeuw die op de Dam in zijn rug werd getroffen en voor de ogen van zijn moeder in elkaar zakte, of dat van de achttienjarige Frans Johannes Feller die in het voorjaar van 1940 met zijn familie uit vrees voor de Gestapo van het Limburgse grensplaatsje Belfeld naar Amsterdam verhuisde en op 7 mei 1945 eveneens dodelijk werd getroffen. In een begeleidend hoofdstuk schrijft Ludmilla van Santen uitgebreid over het persoonsonderzoek dat de stichting gedurende vier jaren verrichtte, de resultaten daarvan, en de moeilijkheden waarmee het onderzoek soms gepaard ging.

In drie hoofdstukken schetst Norbert-Jan Nuij de historische context van de schietpartij. Verder bevat het boek bijdragen van Ad van Liempt, Annemarie de Wildt, en Else Flim. Helaas zijn de auteurs er niet in geslaagd om de verschillende bijdragen tot een eenheid te smeden. Het ontbreekt aan structuur en een logische opbouw, en dat is juist in een boek als dit dat zo rijk is aan uiteenlopende perspectieven, getuigenissen en details van groot belang. Het eindresultaat is wat rommelig.

Van der Randen beschreef hoe kinderen en vrouwen in krankzinnige angst onder de voet werden gelopen. De fotograaf zelf zocht dekking achter de borstwering van het dak. Tussen de mitrailleursalvo’s door leunde hij over de dakrand om met zijn Leica-toestel foto’s te maken van wat zich onder hem afspeelde

De verhalen die in dit onderzoek boven water zijn gehaald, maken desalniettemin indruk. Indrukwekkend is bijvoorbeeld het verhaal van de fotograaf Wiel van der Randen die zich op het dak van de kosterij (naast de Nieuwe Kerk) bevond toen de schietpartij begon. Als ooggetuige bracht hij in 1947 verslag uit in het beeldtijdschrift de Katholieke Illustratie. Van der Randen beschreef hoe kinderen en vrouwen in krankzinnige angst onder de voet werden gelopen. De fotograaf zelf zocht dekking achter de borstwering van het dak. Tussen de mitrailleursalvo’s door leunde hij over de dakrand om met zijn Leica-toestel foto’s te maken van wat zich onder hem afspeelde. ‘Daar is inderdaad van alles, een paar grote bloedvlekken, fietsen, kinderwagens, damesschoenen, tasjes, hoeden en jassen. Een triest stilleven’ (p.33). Het boek schetst een caleidoscopisch beeld van de schietpartij en haar erfenis. Dat de schietpartij een grote impact heeft gehad op een groot aantal betrokkenen weet het boek dan ook goed duidelijk te maken.

* Het Parool, 8 mei 1945, 1.

Verwijzing: Historisch Tijdschrift Holland, Wouter Linmans, 10 mei 2017.

Getagd met