Recensie Anneke van Veen, Amsterdam 1900

Anneke van Veen, Amsterdam 1900. Foto’s van Olie, Breitner, Eilers en tijdgenoten Thoth, Bussum, 2016, 248 p., ill., ISBN 9789068687217, €29,95

door Anne Petterson, Universiteit Leiden

‘De heer Favier, sigarenhandelaar op het Koningsplein, zich bescheiden noemende “amateur”, blijkt een meester te zijn in het photographeeren. In zijn uitstalkast heeft men daarvan herhaaldelijk proeven kunnen zien. Thans prijkt er een uitstekend geslaagd kijkje op den N.Z. Voorburgwal vóór het Handelsblad, waar de uitslag der verkiezingen den volke wordt bekend gemaakt.’ Zo berichtte het Algemeen Handelsblad op 21 juni 1901.

Fotografie was booming rond de vorige eeuwwisseling. Al vanaf de jaren vijftig van de negentiende eeuw waren er voorzichtige experimenten met dit nieuwe medium. De materialen waren echter duur, dus fotografie was in eerste instantie slechts weggelegd voor een kleine groep. Fotografie trok de belangstelling van een groeiend publiek. Het medium bleek bij uitstek geschikt om de dagelijkse omgeving en nieuwsfeiten vast te leggen. Winkeliers, zoals de sigarenhandelaar Favier, maakten van deze nieuwsgierigheid gretig gebruik om klanten naar hun winkel te lokken.

Amsterdam 1900. Foto’s van Olie, Breitner, Eilers en tijdgenoten is de catalogus die verscheen bij gelijknamige tentoonstelling in Stadsarchief Amsterdam (14 oktober 2016 t/m 5 februari 2017). Het boek toont het werk van professionele fotografen én amateurfotografen. De namen van Jacob Olie (1834-1905), George Hendrik Breitner (1857-1923) en Bernard Eilers (1878-1951) zijn van deze laatste categorie wel het bekendst gebleven. Naast dit driemanschap uit de ondertitel komt in dit boek veel bijzonder werk van onbekende fotografen voorbij.

In de dertig pagina’s tellende inleiding op het fotoboek schetst Anneke van Veen, conservator fotografie bij het Stadsarchief, de modernisering van de fotografie: ‘De tijd rond 1900 was een scharnierpunt, waarin de fotografie haar grenzen naar alle kanten verlegde en zichzelf opnieuw uitvond.’ (p.11). Amsterdam 1900 is dan ook niet alleen een boek over (fotografie in) Amsterdam, maar vertelt ook de geschiedenis van een medium. Dat maakt deze uitgave wezenlijk anders dan het boek over de in 2010 georganiseerde tentoonstelling over de eerste foto’s van Amsterdam uit de periode 1845-1875.

Het grootste deel van Amsterdam 1900 wordt ingenomen door de foto’s zelf. Deze zijn deels afkomstig uit de collectie van het Stadsarchief Amsterdam, maar Anneke van Veen en Susanne van der Wolf hebben voor de samenstelling van de tentoonstelling ook geput uit tal van particuliere en internationale collecties. Dit maakt dat een aantal (mij) onbekende pareltjes opduiken, zoals het mistige Damrak-tafereel ‘Vroeg in den ochtend’ (1908) van Eilers (afb.147).

De foto’s zijn groot afgedrukt, voorzien van een summier bijschrift op de pagina. Hierdoor gaat alle aandacht naar de afbeelding en word je gestimuleerd om zelf na te denken over wat je ziet. Helemaal achterin het boek is per foto meer uitleg te vinden. Het betreft hier technische informatie, zoals afmetingen en ontwikkelmethode, maar ook verdere gegevens over de afgebeelde personen en gebeurtenissen. Handig is ook de kaart van Amsterdam waarop de foto’s per locatie zijn weergegeven; hier wordt in één oogopslag duidelijk hoe de gemaakte selectie de hele stad omvat.

Langzaam bladerend door het boek springen een aantal zaken in het oog. Allereerst de veranderingen in technieken: de vroege ‘kleurenfoto’s’ of autochromen brengen het verleden wel heel dichtbij, zoals de foto uit 1912 van de licht fronsende dochter van agent in textiel en manufacturen en amateurfotograaf Jan Zeegers (1872-1937) op de achterzijde van het boek. Spectaculairder was de introductie van de handcamera. Hierdoor werd het mogelijk om snel en vaak ook ongezien te fotograferen – een praktijk die vooral uit de foto’s van Breitner straalt (zie bijv. afb.141 en 142).

Daarnaast toont Amsterdam 1900 de veranderende functie van de fotografie: het was niet voor niets dat sigarenhandelaar Favier, ‘amateur’ in het fotograferen, de drukte bij de verkiezingsuitslagen op de Nieuwezijds Voorburgwal vastlegde. Nieuwsfotografie was door de opkomst van de geïllustreerde pers in het laatste kwart van de negentiende eeuw steeds populairder geworden. Die tendens blijkt ook uit afbeeldingen in het boek, zoals de foto’s van de brand in de Stadsschouwburg in 1890 (afb.32) en het bezoek van de Duitse keizer Wilhelm II in 1907 (afb.25). Daarnaast stimuleerden foto’s het toerisme naar de hoofdstad, zoals de vele souvenirfoto’s laten zien, en werden zij gebruikt voor andere propagandadoeleinden, zoals het verkrijgen van aandacht voor de armoedige leefomstandigheden van veel Amsterdamse arbeiders (bijv. afb.152-155). Het meest fascinerend blijven echter de kijkjes in de Amsterdamse huiskamers. Het contrast tussen bijvoorbeeld het interieur van een krotwoning op de Lindengracht (afb.160) en dat van een statig pand op de Keizersgracht (afb.80) blijft confronterend.

Met de veranderende functie van fotografie verschoven ook de onderwerpen. Amsterdam was rond 1900 uitgegroeid tot een echte grootstedelijke samenleving. Fotografen legden deze modernisering van de stad vast: de constructiefoto’s van het Centraal Station (afb. 124-127) en het Hoofdpostkantoor (nu Magna Plaza, afb.123) zijn hier een goed voorbeeld van. Maar we zien ook de inwoners zelf veranderen: een foto uit 1902 toont bijvoorbeeld een groep van tien zelfverzekerde vrouwelijke studenten aan een feestdis, toastend op het afstuderen van een van hun medestudenten. Op de achtergrond wacht een dienstmeisje geduldig op haar tijd om de wereld te veroveren (afb.77). De foto’s zijn daarmee meer dan alleen illustraties: zij bieden een onmisbare bron voor de geschiedschrijving over Amsterdam (en Nederland).

Voor wie na het lezen van dit boek zelf wil gaan grasduinen in Amsterdamse foto’s, is er goed nieuws. Het Stadsarchief Amsterdam heeft op de website een fraaie beeldbank. Vanaf januari 2017 zijn de afbeeldingen waarvan de rechten bij het archief liggen gratis als hoge resolutie-scans te downloaden. Deze nieuwe mogelijkheid zal het gebruik van, en de publieke bekendheid met, dit mooie materiaal enkel bevorderen. De tentoonstelling Amsterdam 1900 is nog tot en met 5 februari te bezoeken.

Verwijzing: Holland Historisch Tijdschrift, Anne Petterson, 12 januari 2017.

Getagd met